Artikel opgeslagen onder: 'De Burgen'
Deze eengezinswoningen zijn in de 60-er jaren gebouwd. De vijf huizen blokjes zijn gescheiden door individuele tuintjes.

In 2005 werd een grondige renovatie en modernisatie uitgevoerd. Rijtje voor rijtje werden de huizen onder handen genomen. Op de daken staan nu zonnepanelen. Deze leveren direct stroom en zorgen zo voor een besparing op de energiekosten. Verder zijn de woningen voorzien van zonnecollectoren voor de boilers.
Elke woning heeft een omvormer in het c.v.-hok waardoor de apparaten in huis direct gebruik kunnen maken van de stroom die wordt geleverd door de zonnepanelen.
Er is dubbel glas geplaatst in de kozijnen en er zijn nieuwe gevels tegenaan gemetseld voor een betere isolatie. In een van de woningen is het toilet ingericht als stoellift.
Reageer maandag, 6 oktober 2008

Het flatgebouw dat dwars op Denenburg staat, daar waar ook het Postkantoor was gevestigd, is sinds 14 januari 1994 eigendom van de heer Twillaart, Directeur van Duinzoom B.V. in Elburg. Een aantal van de appartementen zijn geleidelijk aan aan particulieren of bedrijven verkocht.
De rest van de bewoners zijn verenigd in een Vereniging van Eigenaars.
maandag, 19 mei 2008
Een geheel op zichzelf staand gebouw daar aan het begin van Finnenburg op de hoek van een laantje en naast de bloemenkiosk “Het Haasje”. Het complex werd gebouwd in opdracht van PGGM (= Pensioenfonds voor de Gezondheid, Geestelijke en Maatschappelijke Belangen), gevestigd in Zeist.
Het ontwerp is van Architecten Combinatie Bos Rosdorff Wiebing, Den Haag. De bouw startte in 1995 en de oplevering volgde in 1996. De eigenaar is Amvest Management B.V. Amsterdam Zuid-Oost. .
Zoals de brochure ons vertelt: “Het gebouw bestaat uit drie verticale “schijven”. Er zijn verschillende woontypen gevestigd. Op de begane grond twee drie-kamerappartementen, ongeveer 60 cm boven straatniveau. Op de eerste tot en met de vierde verdieping op iedere woonlaag vier drie-kamerappartementen. De vijfde verdieping bestaat uit twee riante dakappartementen. Een berging voor ieder appartement bevindt zich op de begane grond, waar ook de fietsenstalling een plaats heeft gekregen.
Er is veel aandacht besteed aan de isolatie van zowel de 20 woningen als de rest van het gebouw. Dubbele beglazing en een mechanisch ventilatiesysteem regelbaar op verschillende snelheden.
De appartementen beschikken over individuele CV-/gasinstallaties met ingebouwde warmwatervoorziening. De CV-ketel bevindt zich in een inpandige kast en de radiatoren zijn weggewerkt in de vloer.
De materialen voor de ramen, kozijnen en deuren in de buitengevels zijn van naaldhout. De buitengevels zijn opgetrokken uit baksteen metselwerk in twee verschillende kleuren. De toegepaste materialen voldoen aan de uitgangspunten van Duurzaam Bouwen. De bepalingen van Aanpasbaar Bouwen zijn in een groot deel van het gebouw gehanteerd.
De appartementen worden verhuurd en zijn in beheer bij Makelaar Van ’t Hof Makelaardij in Zoetermeer.

maandag, 21 april 2008

Vóór de ontwikkeling van dit deel van Mariahoeve stond hier een watertankstation voor de stoomtrein van Rotterdam naar Scheveningen, die ongeveer diagonaal door de toen nog onbebouwde polder liep.
Daarna heeft er enige jaren een kleuterschool gestaan.
Medio 1995 werd aangevangen met de bouw van een appartementencomplex,
De tekeningen lagen op de tafel van BNA Architectenburo Roeleveld en Sikkens, Alexanderstraat 1,Den Haag.
De oplevering geschiedde halverwege 1996 en de bouwer was Habo Bouw B.V.
Dit is het gebouw zoals u dat nu kunt zien als afsluiting van het pleintje van Denenburg.
De gemeenschap is georganiseerd in een Vereniging van Eigenaars.
maandag, 21 april 2008

Dit flatgebouw is eigendom van de VvE Norenburg 147 t/m 243. In 1961 begon Boele & van Eesteren uit Rijswijk volgens de tekeningen van een door ons niet meer te achterhalen Architect de bouw. In 1963 werd het complex opgeleverd.
Het gebouw heeft 7 étages met 49 appartementen verdeeld over 42 twee-kamer- en 7 één-kamerwoningen.
De statuten van deze actieve VvE bepalen dat slechts alleenstaanden zonder kinderen lid kunnen worden. Bestuurder voor de VvE is VvE Diensten Nederland Den Haag B.V. in Rijswijk.
maandag, 24 maart 2008

Deze eengezinswoningen met 1 etage en tuintjes zijn eigendom van Woningcorporatie Staedion. Vóór de overname door Staedion waren ze in het bezit van Woningbouwvereniging Patrimonium; deze organisatie bestaat niet meer.
Het ontwerp van deze huizen is van Architectenbureau A. Verschoor & Teun Bier uit Loosduinen en Boskoop. De Hoofdaannemer was L. Leyten en Jr en N. van Ieperen.
De bouw werd eind jaren ’50 gestart; de oplevering was in 1960.
maandag, 24 maart 2008

De huizen met tuinen dwars geplaatst op de Norenburg, nrs 1 t/m 131, stonden op de tekentafels van de architecten G. Prinsen en P.C. den Ouden uit Oegstgeest. Aan de realisatie ervan gaat een lange voorgeschiedenis met veel ups and en nog meer downs vooraf. Vele obstakels moesten worden overwonnen om dit particuliere initiatief tot een succes te maken. Hier volgt een uittreksel uit de overvloedige informatie die we spontaan van de heer G. Lalleman mochten inzien en gebruiken. Hij was zo vriendelijk ons te helpen bij het opdiepen van gegevens over hoe dit werkelijk uitzonderlijke project in onze buurt tot stand is gekomen. Sommige teksten zijn overgenomen uit de (Nieuwe) Haagsche Courant, Het Vrije Volk, Het Vaderland, Nieuwe Leidsche Courant en Het Binnenhof.
Eind jaren 50 van de vorige eeuw was het vrijwel onmogelijk betaalbare eengezinswoningen voor gezinnen met meer dan vijf kinderen te vinden in Den Haag. De heren A.J. van den Toorn (bureauchef van de P.T.T.) en J.B. de Römph (ponskaartendeskundige bij de P.T.T.) staken de koppen bij elkaar en besloten het heft in eigen handen te nemen en zelf de bouw van twee woningen te gaan realiseren. Dat realiseren had evenwel nog wat voeten in de aarde!
Met hun tweedehands auto-tjes reden ze zo’n 20.000 kilometers om overal in Nederland huizen te bekijken en informatie te verzamelen over de kosten. De bevindingen van hun uitvoerig onderzoek waren dat er in Nederland veel te duur werd gebouwd. Zij besloten te laten zien dat dit voor veel minder kon. De heren hadden weinig verstand van bouwen en lieten zich daarom voorlichten door een architectenbureau en vele andere aanverwante instanties. Na een zorgvuldige evaluatie van al die informatie moesten zij concluderen dat hun plannen alleen kans van slagen hadden als het grootser zou worden aangepakt. Voor twee huizen was geen krediet en geen grond te krijgen, maar wel voor 100! Inmiddels was er veel belangstelling bij hun collega-ambtenaren gegroeid om ook een dergelijke woning te bemachtigen. (het werden er uiteindelijk 36 in Norenburg en 26 in Dignaland).
De volgende fase voerde de twee enthousiaste en niet te stuiten “ambtenaar-bouwers” langs een berg van formulieren, voorschriften en voorwaarden. Formulieren in 26-voud, rekesten in 45-voud en dit alles in alle kleuren van de regenboog. Een bijkomend probleem dook op toen de dakvorm van de huizen aan de orde kwam. De toenmalig verantwoordelijk ambtenaar, de “gemeentelijke supervisor” wilde helemaal geen puntdak maar platte daken, conform de trend zoals die met de lage flatwoningen was ingezet. Deze “supervisor” volhardde in zijn starre houding, maar kreeg uiteindelijk ongelijk en moest het veld ruimen! Want aan het plan van de heren viel niet te tornen: het moesten puntdaken worden. Maar daarmee was het verhaal nog niet uit; nee, de in het plan opgenomen zogeheten sneldekdakpannen werden o.a. op hun afmetingen afgekeurd. Nadat de puntdaken veiliggesteld waren ontbrandde een ware polemiek tussen de initiatiefnemers en de gemeente over de soort dakpannen. De gemeente had geen oog voor de ontwikkelingen op dat gebied en kende alleen de (toen) traditionele keramische pannen. Van der Toorn c.s. hadden – wederom na ampele studie - de betonnen sneldekpannen voorgesteld vanwege het prijsvoordeel, maar de gemeente had bezwaar vanwege de kleur, de structuur en de afmetingen van deze dakbedekking. De gedrevenheid van de heer Van der Toorn blijkt dan wederom uit een – getypte – 8 bladzijden lange gedetailleerde verhandeling over deze pannen, met daarin zelfs internationale benchmarking! die hij in 155-voud onder landelijke, provinciale en gemeentelijke overheden verspreidde. Met dit als beroepschrift aangemerkte stuk krijgen de heren van der Toorn en de Römph op 25 mei 1960 hun gelijk en haalt het college van B&W bakzeil. De sneldekkers liggen na 47 jaar nog steeds op de Norenburg. Op Dignaland zijn in 2002 van vrijwel alle huizen de pannen vervangen.
In NRC en Volkskrant van 1 en 2 juli 1959 valt te lezen over de activiteiten van de alom bekende stripfiguur Heer Olie B. Bommel, de creatie van Marten Toonder. Deze achtenswaardige heer Bommel - inwoner van Rommeldam - was zonder de benodigde goedkeuring het slot Bommelstein gaan bouwen. De goedmoedige burgervader van Rommeldam reageerde echter als volgt: “Ach laat maar. Hij heeft de feniks waardig ontvangen en daardoor is de geest van vernieuwing hier vaardig geworden. We moeten iets door de vingers kunnen zien”. Zou de Gemeenteraad zich door deze wijze uitspraak aangesproken hebben gevoeld? We zullen het nooit weten.

Halverwege 1957 werd de grond toegekend, een jaar later werden de plannen geschetst en het daarop volgende jaar kwam de financiering rond, waarover hierna. De heren van der Toorn en de Römph namen contact op met architectenbureau G. Prinsen en P.C. den Ouden uit Oegstgeest. De opdracht was eengezinswoningen te creëren met 6 tot 7 kamers, waarin elk lid van een groot gezin ieder een eigen ruimte had en ook de ouders over een eigen werkruimte konden beschikken. Voor de uitvoering van dit plan werd het Aannemersbedrijf Assié en De Water te Leiden ingeschakeld.
Het financiele plaatje
Dit project had vanzelfsprekend alleen kans van slagen door een samenbundeling van vele woningzoekenden. Het vele “pingelen” door de initiatiefnemers bij de diverse instanties – hetgeen inmiddels een hobby was geworden van het tweetal – resulteerde uiteindelijk in een bedrag van ƒ 44,50 per kubieke meter netto stichtingskosten. De huizen varieerden in prijs van ƒ 28.700,– tot ƒ 31.000,– en werden bijzonder geschikt geacht voor welgestelde grote gezinnen (met tot wel 13 slaapplaatsen!). Alle bijkomende activiteiten werden door de heren zelf uitgevoerd. Zo waren er bijvoorbeeld ook geen makelaarskosten. Eén van hun uitspraken luidde: “Bij onderhandelingen pingelden wij om tientjes, totdat de tegenpartij er bij wijze van spreken de tranen van in de ogen kreeg”. De toepassing van de eerder vermelde sneldekpannen leverde een besparing op van wel ƒ 100,00 per woning. Afgezet tegen de gemiddelde bouwkosten van ƒ 29.300,– (waaronder ƒ 5.020,– eigen grond!) wellicht niet veel, maar toen een aanzienlijk bedrag. (ƒ 29.300,– = € 13.295,– natuurlijk geen vergelijkbaar prijspeil, maar toch). Ook werd een kostenbesparing nagestreefd door op de tweede etage met brandwerende verf afgedekte zachtboardplafonds toe te passen in plaats van met steengaas gestukadoorde plafonds. Over het geheel genomen bleken de kosten van deze woningen ongeveer de helft te bedragen van wat elders in de omgeving aan vergelijkbare eengezinshuisjes werd gebouwd. Een geweldige prestatie!
En zo gebeurde het. De eerste paal van de zes rijtjes van vijf(slaap)kamer eengezinswoningen met schuur van in totaal 490 m³ inhoud – voor die tijd erg groot - werd in oktober 1959 geslagen. Ze werden in 1960 opgeleverd. Toenmalig Staatssecretaris N. Schmelzer overhandigt op 18 augustus van dat jaar de sleutel aan de bewoner van het eerste huis, nr 25, lid van de in 1962 opgerichte vereniging “Eigen woningbezit ambtenaren”. Deze vereniging bestaat nog steeds en organiseert jaarlijks een bijeenkomst voor de leden. Vele huizen van dit type worden nu door de huidige, veelal nieuwe generatie bewoners vergroot door een uitbouw op de begane grond, terwijl her en der ook de dakkapellen vervangen en/of vergroot worden.
maandag, 24 maart 2008

Flatgebouwen van vier woonlagen, begane grond plus drie etages huurappartementen. Het complex werd in 1961 gebouwd en is vanaf het begin eigendom geweest van Woningcorporatie Vestia.
zondag, 10 februari 2008
Vorige berichten